FEBRUARI 2010

We genieten van een middagje lokale muziek bij Lac Cay. In een kotje worden bier en snacks verkocht. We houden het alleen bij het eerste (de keuken is hier al een paar keer afgekeurd) en genieten van de drie gitaristen die er duidelijk plezier in hebben. Het druppelt langzaam vol, er heerst een vrolijke stemming. Dan komt vanuit het niets een lokale vrouw aanzetten die graag even een riedeltje wil meezingen. Geen probleem, ik vind het jammer dat het in het papiamentu is gezongen want het lijkt me een erg leuke text... Als we naar de gebaren kijken, denk ik dat de tekst niet voor kinderen geschikt is (maar die zijn er dan ook niet bij).

Op 2 februari gaan we 's avonds samen met onze buren Rob en Ans en John's ouders naar Plaza Resort voor een Beach BBQ. Een steelband speelt de sterren van de hemel. Met onze voetjes in het zand genieten we verder, het lijkt wel vakantie. Het eten is goed en de punch (volgens ons zonder rum) is ook best lekker. Er staat een stevig briesje wat het frisjes maakt en ja, je kunt het koud hebben op Bonaire! Overdag 32 graden en 's avonds in de koude periode 25 graden.

Het is weer eens tijd voor een toeristisch uitstapje, deze keer gaan we naar Spelonk en de Indian Inscriptions. We rijden via een zandweggetje eerst naar Spelonk lighthouse. Het gebied rondom is hard en bezaaid met scherpe uitsteeksels. De vuurtoren werkt nog steeds, maar het vuurtorenhuis staat er maar sombertjes bij. De muren druipen van de algen die de door het zeewater besprenkelde verf aanvreten. Luguber gezicht.
Verderop ligt een rotswand met overhandgende rotspartij waar we stoppen voor de indiaanse rotstekeningen. De prehistoriesch indiaanse bevolking heeft op meerder plaatsten op Bonaire rotstekenigen aangebracht, de roodbruine symbolen zijn nog goed waar te nemen.
We besluiten hierna door te rijden naar Rincon om iets te drinken en nemen een binnendoorweg die John nog denkt te kennen. De weg is zo slecht dat het een wonder mag heten dat we het gered hebben.

Op zaterdag 6 februari maken we ons klaar voor de kindercarnaval optocht in Rincon. Eerst maken we een pitsstop bij het dierenasiel waar een vlooienmarkt is, van alle opbrengst gaat de helft naar het lokale sterilistatieproject. Vooral zwervende dieren die niet gesteriliseerd zijn kunnen veroorzaken problemen. Wij kopen drie boeken en geven als extra wat muntgeld voor dit project. Hierna pakken we de toeristische route langs het water en maken af en toe een stop.
De intense blauw soms groene kleur van het water rondom het eiland blijft facinerend. Dan nog even het naar het uitkijkpunt, het uitzicht over Rincon is prachtig. Rond een uur zijn we op het pleintje midden in Rincon. We vragen hoe laat de optocht begint en krijgen verschillende antwoorden. Kort gezegt tussen drie en zes uur. Er is een marktje en dit is echt een 'tje' met zijn vieren vullen we de hele kraam. Maar we vinden het een mooi stekje om de optocht af te wachten.
Het bier vloeit rijkelijk, wat niet gek is met deze temperaturen.
Ze fietsen er goed in.
In de verte horen we toch echt muziek en het lijkt wel dichterbij te komen. Nu blijkt waar wij Nederlanders dus niet zo goed in zijn, wachten. Vol ongeduld staan we al uren klaar als rond half zes de eerste wagen de hoek om komt, er zijn welgeteld vijf groepen en wagens...

Het vertrek van Leo en Toos nadert en op de valreep huren we samen met onze buren een bootje. Geen zeilboot zoals wij altijd gewend zijn maar een speedboot. Wel even wennen. We varen langs de kust van Bonaire en daarna steken we over naar Klein Bonaire. Een onbewoond eiland voor de kust van Bonaire, het is maar 6 km2 groot en begroeid met kleine struikjes en cactussen. Het is ook de broedplaats voor zeeschildpadden en je kunt er prachtig snorkelen en zwemmen. Even lunchen en daarna terug richting Bonaire. Op een andere plaats (voor Donkey's beach) stoppen we nog even en daarna is het tijd om de boot in te leveren.
's Avonds nadat we onszelf hebben opgefrist borrelen we nog even na bij ons thuis.

13 februari, drie weken zijn omgevlogen en vandaag vliegen Leo en Toos weer terug. Het wordt een kort afscheid want over twee dagen komen wij weer voor elf dagen naar Nederland, als we de media moeten geloven ligt er daar sneeuw en is het ijselijk koud. Maar tot in de middag kunnen Leo en Toos nog even van het lekkere klimaat genieten en dat doen ze dan ook.
Samen met Ans en Rob gaan we naar het viegveld om John's ouders uit te zwaaien. We denken dat het een lekkere vakantie is geweest.
Eind van de middag komen Eddy, Marion, Peter en Anne met broer bij ons in de tuin BBQ'en. Het is vandaag op z'n Amerikaans, wij vertrekken maandag zelf dus hebben hierdoor nog maar weinig in huis. Maar we eten en drinken alle schappen leeg en dansen op lokale muziek, om niet te laat het licht uit te doen.

De volgende dag komen Eddy en Marion nog even langs om wat spullen te brengen die naar Rob (Eddy's broer, red.) in Nederland moeten. Vervolgens hebben we een verjaardagsfees (tje) van Marlou onze overbuurvrouw. Het lijkt alsof we hier al jaren wonen.
Rond drie uur gaan we kachel(en) naar Kralendijk voor de grote Carnavals optocht in Playa van 2010. Die wel overigens netjes op tijd begint, het is een vrolijk en kleurrijk geheel dat door de lokaleTV wordt opgenomen. De Kaya Grandi ziet zwart van de mensen, zo druk is het. Speciaal voor vandaag (het is namelijk zondag en dan liggen er gewoonlijk geen) is er een cruiseschip waar ook zo'n slordige 3000 mensen vandaan komen. Nou, ik moet zeggen dat de optocht geweldig is, net als het sfeertje trouwens.

Op 16 februari komen wij aan in het o zo koude Nederland. Leo en Toos staan ons op te wachten en met alleen maar handbagage zijn we overal vlot doorheen. De terugrit naar Rosmalen gaat door een winterwonderland. Overal ligt sneeuw. Bij John's ouders thuis, waar we logeren, drinken we eerst een bakje koffie en daarna ga ik dezelfde dag nog naar mijn ouders. Ik blijf daar een nachtje slapen.

De rest van de week verloopt zoals alles in Nederland, gehaast en volgepland.
We bezoeken vrienden zoals Marc en Sheila, Joseph en Karin en Ries en Jurgen, we brengen pakjes weg, ik ga naar mijn schoonzus Linda en brengen mijn neefje Jarno naar school. Nog even snel de boodschappenlijsten afwerken, er moet weer het een en ander mee naar Bonaire. Op de laatste dag gaan we nog naar het concert van Frank Boeijen , waar ik dan weer een oud collega ontmoet (de wereld is klein).
Voordat we het beseffen zijn de elf dagen weer om en bevinden we ons in het vliegtuig terug naar Bonaire.

Het laatste weekend van februari moeten we aclimatiseren. Daarbij wordt maart een drukke maand, we willen onze cruising guide voor Bermuda per 1 april te koop hebben liggen, het huis moet afschilderd worden en John is weer druk met zijn opdrachten voor COS in Bonaire.