Zee, zee en
nog eens zee. Weinig ander bootverkeer te bekennen. De dagen verlopen rustig,
er staat weinig wind maar net genoeg om met de Bolle Jan voor uit te komen.
De tegenstroming is minder dan voorheen. Zo sukkelen we rustig voort.
Na zoveel dagen op zee slaat soms de gekte toe. Ik zie in de verte een groen
bootje met een ster in rood-wit en er staat een mannetje met een megafoon die
roept 'BIERTJE?!'... Onderweg vermaken we ons door liedjes te gaan zingen die
spontaan in ons opkomen. De Muppetshow is favoriet, gevolgd door Hazes (hellup)
en kinderliedjes. De meest vreemde dingen gebeuren met je als je een tijdje
op zee zit.
Na 18 dagen
komt land in zicht, het silhouet van La Dique steekt grillig af tegen de nacht.
Nog 28 mijl, het kan ons niet snel genoeg gaan. Eindelijk weer contact met het
thuisfront.
JoHo is in de Seychellen, inklaren is een makkie, we worden naar een kade gedirigeerd
en binnen vijf tellen staan er drie man aan boord. Invullen van de papieren,
sprayen van de boot, even wordt er opgekeken als ze Storno de kat zien maar
ook daar maken ze geen probleem over. Binnen een mum van tijd is alles geklaard.
De Seychellen
is een eilanden groep van graniet (inner islands) en koraal (outer island) in
de Indische Oceaan. Het ligt zo'n 1600 mijl van het vasteland van Afrika en
420 mijl met zijn zuidelijkste puntje van de Madagascar. De Sychellois (lokale
bevolking) heeft veel weg van de Caribische bevolking en dat is logisch als
je bedenkt dat ze bijna allemaal van Creolse afkomst zijn. De overeenkomsten
zie je voornamelijk in de instelling, de manier van doen. Relaxed en gezellig.
Creols is de officiele taal en verder praten ze een aardig mondje frans en engels.
De schiedenis van de Seychellen is roerig en niet in een paar zinnen samen te
vatten. Een groot deel van de flora en fauna is uniek en komt nergens anders
in de wereld voor. Kortom een ideale plaats om wat van de lokale sfeer op te
snuiven.
Victoria harbour
bij de Sechelles Yacht Club wordt onze eerste ankerplaats. Lekker dicht bij
het centrum, er moet namelijk nogal wat ingeslagen worden. Dinghy uit, op naar
de kant. Land onder onder onze voeten, een vreemde gewaarwording. We worden
tijdelijk lid van de Yacht club (kost ons 300 rupees) en mogen nu van de faciliteiten
gebruik maken.
Na de yacht club slenteren we Victoria
in en voelen ons meteen thuis, de sfeer is relaxed, overal hoor je creolse geluiden.
Creols klinkt als verbasterd frans, helaas verstaan we er niets van. Geld wisselen
we op de zwarte markt (bijna 2x de officiele rate) en we zijn heel erg blij
met deze koers. De prijzen zijn namelijk aardig hoog.
Met onze gewisselde rupees nemen we de eerste levensbehoeften mee, bier en brood.
Het is een warme vochtige dag tijd om terug naar de Yacht club te gaan voor
een ijskoud biertje. Het is een drukte van belang, gezellig. We bestellen 2
biertjes en proosten op wat gaat komen.
Het wordt een drukke avond.
Eerst
maken we kennis met Pierre en Anicia,
zij leven op een catamaran en liggen ook voor anker. Dan komt Aubrey, een mooie
lokale jongen bij ons zitten. Tot onze verrassing zien we ook nog Jinny van
Dai Long Wan (die we in Chagos hebben gezien), zij is nog altijd niet weg. Het
probleem vertelt ze is dat haar crew weg is en ze naarstig op zoek naar een
andere crew is. Ook heeft haar man een aantal onderdelen vanuit Hong Kong laten
opsturen en die zijn nu vervangen. Tenslotte zijn de gescheurde zeilen gerepareerd,
motoren zijn gespoeld en alle filters vervangen (de lijst houdt maar niet op).
Jinny stelt ons weer voor aan JJ (een 39 jarige Zuid-Afrikaan die is blijven
hangen op de Sychellen) en zijn vriendin Marny ontmoet. Marny is de nouveau
riche van het eiland, zij heeft flink in de steigers gestaan en het resultaat
is verbluffend. Ik schatte haar 53 en hoorde achteraf dat ze 67 jaar is. Een
onderhoudend en grappig stel. Met Jinny spreken we voor volgende week af. Voor
ons is het tijd om te gaan slapen.
De dagen die volgen worden benut om alles op te ruimen en te repareren. Boodschappen en diesel worden ingeslagen. Alle papierwerk en wat dies meer dat twee maanden is blijven liggen wordt daarna afgehandeld via het internet. Voor zover mogelijk dan. In deze twee maanden hebben John's ouders zoveel mogelijk alles opgevangen. Onze dank aan Leo en Toos is groot, zonder hen was er een en ander echt scheef gegaan en het waren geen eenvoudige zaken.
Op 13 febuari
worden we voor een afscheidsdiner uitgenodigd op Dai Long Wan. We worden door
Dave, het nieuwe crewlid met de dinghy opgehaald. Aan boord is het een drukte
van belang. Max de zeilmaker staat in de keuken en gaat voor ons creols koken,
Jinny en Dave zijn bezig met opruimen van de laatste boodschappen. JJ en Marny
en wij zitten aan de rose, verschil moet er zijn.
Het is een boeiende en gezellige avond, vele onderwerpen passeren de revue.
Na en geweldige maaltijd nemen we afscheid van Jinny en haar crew, wie weet
waar we elkaar weer tegen komen. JJ en Marny zetten ons af bij de Yacht Club
en tipsie varen we terug naar JoHo waar Storno ons staat op te wachten.
De volgende dag komt Jinny nog snel even langs voor een zak kattenvoer (hier niet te krijgen) voor Coco, haar zeven weken jonge poes. Wij regelen die dag onze permits voor de andere eilanden. Daarna krijgen via Pat de manager van de Yacht club een goedkoop adresje voor een huurauto. Tegen de avond parkeerd John onze huurauto voor de komende twee dagen op de parkeerplaats van de Club. Ze rijden hier trouwens links, dus de komende dagen waagt dit blondje zich maar niet aan autorijden.
Voor de ochtendspits
(ja die hebben ze hier in Victoria
ook) vertrekken we. Op weg naar het zuidelijkste puntje van Mahe. De kustweg
is prachtig, langs stranden rijden we omhoog de heuvels in. Het ene uitzicht
is nog mooier dan het andere. Bij
petite Police nemen we een lifter mee, hij blijkt Gonzalez te heten en werkt
voor een Duits echtpaar. Hij nodigt ons uit eind van de dag terug te komen en
kennis met zijn te baas te maken.
We gaan door en belanden in Morne
Seychellios National Park met zijn mistige regenwoud
en de theeplantages. Het is een woord genieten van al dit moois.
Eind van de middag rijden we terug naar Takamaka waar we kennis maken met de
baas van Gonzalez. Ulrich en Kristina Deus. Zij bezitten een plantage huis in
volledig originele oude staat. Dit is hun vakantie
optrekje, in een rustig gelegen gedeelte van het eiland met uitzicht op
zee. Omgeven door groen nemen we plaats op de porch en borrelen en praten we
tot diep in de avond.
Nog een dag de auto, vandaag gaan we eerste lekker bij Anse Royale zwemmen en de granietformatie bekijken, daarna verkennen we het noordelijk gedeelte van Mahe. Overweldigend prachtige natuur. Bij Anse Etoile kijken we uit over de kleine eilandjes in de buurt. Via North point rijden we door naar het einde van de weg bij La Scale. Nog even boodschappen doen en diesel inslaan en de twee dagen zijn weer om.
We vinden dat
het weer eens tijd is om verder te zeilen en op 17 februari zetten we zeil met
eind bestemming La Dique. Helaas hebben we noord-oosten wind en de golven zijn
grillig en kort, ik voel me niet al te best en we veranderen de koers naar Ile
aux Recifs. Bij dit eilandje zou je volgens onze pilot goed kunnen ankeren,
maar als we aan komen blijkt dat absoluut niet het geval te zijn. Toch koers
naar La Dique zetten zou betekenen bij donker binnenvaren en dat willen we niet,
met tegenzin besluiten we terug naar Victoria te zeilen.
De dagen die volgen is het weer te onstabiel om uit Victoria te vertrekken.
Het is knap benauwd en vochtig en wij zoeken een schaduwrijke plek met een beetje
wind. De Yacht Club is de aangewezen plaats. Hier ontmoeten we Marcel, de oude
Gouveneur van de Chagos. Hij heeft hele verhalen over die goede oude tijd en
wij luisteren met spanning naar zijn verhalen en dat alles onder het genot van
een biertje. Wat een leven hebben wij toch.
20 februari
vertrekken we dan naar het volgende eiland Praslin,
we hebben een mooie zeildag en aan het eind gooien we ons anker uit in Baie
Ste Anne. Het uitzicht is adembenemend, hier blijven we nog een dagje.
In de morgen nemen de dinghy en varen naar een van de vele verlaten
strandjes. Lekker wat zwemmen en rondlopen. Onderwater is het niet bijzonder
dus blijft het bij gewoon snorkelen.
De rest van de dag besteden we een stukje voor de verjaardag van oma die 12
maart 90 jaar wordt, helaas zijn wij daar waarschijnlijk als enige niet bij.
Bij het schrijven en bewerken van de foto's hebben we veel lol.
De dag daarna
staat La
Dique op het program, het is maar vier mijl. Op motor varen we uit en maken
water en elektra, maar de zee is omstuimig en er staat (weer) een harde wind.
La Passe is de pitoresque haven van La Dique, hier liggen behoorlijk wat boten.
JoHo
wordt door John vakkundig tussen twee grote catamarans in gewurmd.
Ik maak kennis met de assistent van de havenmeester, hij regelt voor mij vervoer
naar de enige pompstation van het eiland. Een lokale taxi neemt ons met de jerrycans
mee, via een rondrit over het eiland komen we aan bij de shell...
Een kotje waar brandstofdrums staan, de bediende moet met een handpomp alle
cans vullen, terug in de tijd zullen we maar zeggen.
La Dique is het fiets en wandel eiland, we lopen wat rond over het gemoedelijke
eiland. Af en toe zie je nog een ossentaxi
(niet te verwarren met een Osse taxi).
Bij terugkomst in het haventje duiken we een bar/restaurant in en ontmoeten
we een hollandse familie die hier op vakantie is, erg uitzonderlijk. We raken
aan de babbel over onze zeilreizen en voordat we het weten is het donker. Vanavond
wordt er niet gekookt, het wordt uit eten, helaas een erg slechte prijs/prestatieverhouding.
Het waait nog steeds behoorlijk als we terugkomen, gelukkig hebben wij goed
ankergrei.
Met een noordelijke
wind vertrekken we laat de volgende dag en maken een tussenstop in Anse St Sauveur
(Praslin) waar JoHo een nachtje blijft, vroeg de volgende morgen gaan we naar
Therese
eiland aan de andere kant van Mahe. Van hieruit is het makkelijker richting
Mayotte te vertrekken.
De ankerplaats is rollerig en de volgende dag besluiten we daarom te vertrekken.
John wil nog snel even een weerberichtje binnenhalen, maar doordat de GPRS-server
eruit ligt gaat dat niet. Zonder weerbericht gaan we op dit ogenblik niet uit,
er is een cycloonwaarschuwing voor de buurt van Madagascar en welke richtig
die gaat volgen is nog niet bekend. Dan nog maar een dagje rollen.
John gaat aan land en ontmoet wat lokale jongeren, hij roept wat en ook ik ga
zwemmend aan land. Het wordt een dolle BBQ-rum-middag op Ile Therese en met
moeite nemen we van deze groep afscheid en we beloven mailcontact te houden.
Terwijl we op het strand de luitjes uitzwaaien raakt John weer aan de praat
met een fransman van de catamaran naast ons. 's Avonds borrelen we op de Coyotte,
een lokale Franse catamaran van Zuid-Afrikanse makelij die naast ons ligt. De
kapitein en eigenaar heeft veel tips voor ons. Van het rollen merken we deze
nacht een stuk minder.....
27 februari
vertrekken we naar een andere ankerplaats, de wind is verdwenen en we stellen
vertrek naar Mayotte nog maar eens uit. In Baie Lazare maken we de boot klaar,
als de mail weer werkt en het weer is goed vertrekken we. Dat blijkt dus de
ochtend van de 28e te zijn.
We kijken terug op een onvergetelijke drie weken hier in de Seychellen met zijn
natuurschoon en zijn vele nieuwe contacten.