NOVEMBER 2006

We maken gebruik van de mogelijkheid om in Male weer in te slaan. Wel prijzig maar je kunt er van alles kopen. Male schijnt de kleinste hoofdstad van de wereld te zijn. De stad is op een eiland van amper 1,8 km2 gepropt, officieel wonen er 80.000 mensen in Male, maar vergeleken met een Nederlandse stad van die afmeting komen wij op een ander idee. Het is een moderne stad met bestrating en net afgewerkte huizen en appartementsgebouwen. Wat er opvalt is dat er veel verkeer in de vorm van brommers en auto's in Male is, je zou toch denken dat alles goed te voet of per fiets bereikbaar is. Vooral de auro blijft natuurlijk ook hier een statussymbool.

Ook hier gaat alles gemakkelijk en gemoedelijk, de mensen verlangen niets terug als ze hun hulp aanbieden. Dit komt je nog maar weing tegen in de wereld en vraag is voor hoe lang hier nog.
Vanaf onze ankerplaats Hulhule of Hulhulmale zoals het tegenwoordig heet nemen we de watertaxi naar Male. Ons besluit staat vast om nog twee maanden extra in de Maldiven te blijven en langzaamaan naar het zuiden te varen. Binnen een uurtje is het gepiept, onze verlenging is een feit. De rest van de dag bezichtigen we de stad. Zowel bij Immigrations als bij Customs hadden we geen enkel probleem, waar komen die negatieve verhalen toch steeds vandaan vragen we ons keer op keer af. Wij hebben tot op de dag van vandaag werkelijk alleen maar positieve indrukken gekregen.

Vanuit Male is het drie uurtjes varen naar het andere atoll waar we voor anker gaan bij Laguna Beach Resort. Hier nemen we een kijkje en we zijn van harte welkom. Het is een mooi afgewerkt resort, maar er zijn bar weinig gasten wat we ook al bij andere resort hadden opgemerkt. Je mag overal komen en gebruik van maken, natuurlijk tegen betaling. We hebben het snel gezien met die prijzen. Bij de duikafdeling worden we weer aangenaam verrast, hier worden onze flessen gratis gevuld. De Duitse eigenaren zijn open en vriendelijke mensen. Zij vertellen ook dat in bijna alle resorts de duikafdelingen zelfstandig zijn. Onze dag kan niet meer stuk als we zelfs door Hannes en Heike op een koud biertje in het resort worden getrakteerd.
Dan slaat de malaise toe op de JoHo. Eerst is John aan de beurt met een lichte zonnesteek, hij is een paar dagen goed ziek. En ik heb te kampen met een flinke oorontsteking. Desondanks vertrekken we toch verder, we hebben al zo'n vier dagen hier gelegen. Le Crabe besluit nog te blijven en we nemen dan ook voorlopig afscheid van Hannes en Heike, Juwin besluit mee te varen.

Op 5 november maken een kleine oversteek naar het Ari atoll. Met een prachtig zuid-west wind zeilen we tussen de atolls door, dan veranderd plots het weer. Met het grootzeil binnen halen verrekt John zijn rug en we zijn dan ook blij ons anker uit te gooien bij een resort met een ringrif. De afgelopen weken hebben we veel regen met windvlagen, en we zijn daar op dit ogenblik wel blij mee. Zowel John als ik moeten bedhouden. Gelukkig niet al te lang, iedere dag gaat het wat beter in de JoHo ziekenboeg.

Na wat eiland hoppen belanden we op 10 november bij het Rangali Hilton resort. Waar we met toestemming gebruik maken van de resort faciliteiten. Hier vieren we John's verjaardag, aan een prachtig zwembad met een cocktail in onze hand, en genieten we van een prachtige zonsondergang. 's Avonds wordt de traktatie een etentje en een drankje na aan de bar. Geweldig om even te kunnen genieten van zoveel luxe. Het leuke is dat we welkom zijn op dit resort, je hebt hier alles. Het huisrif is mooi, draadloos internet, het eten en drinken is heerlijk. En dat twee dagen lang.
's avonds komen Winfried en Jutta op de verjaardagsborrel aan boord van JoHo. Heel gezelig en het wordt een latertje.

Na Hilton, varen we van het ene eiland naar het andere, we worden wel iedere dag vergezeld van regen. De wind laat ons helaas in de steek en dat beteken veel motorren. We hebben ineens het Med gevoel weer. Geen wind of veel wind, zo gaat het hier ook. Bij alle eilanden die we aandoen worden we geweldig verwelkomt, krijgen we rondleidingen, worden uitgenodigd voor eten.
In Badidhoo waar we in een haven liggen worden we rondgeleid door Ali het hoofd van de school. Ali heeft ook nichtjes die engels studeren in Male en we worden voorgesteld. Het zijn leuke spontane meiden, studerend in Male en op vakantie thuis. Je merkt buiten de kleding niet veel van de invloed van de Islam zoals wij die elders wel hebben gezien. We lachen wat af die avond.

Veymandhoo doen we aan op 19 november. Dit eiland spant de kroon. De Imam Ismael komt ons begroeten. We liggen hier voor anker in een mooie lagune. Ismael is jong en een open persoonlijkheid. Hij brengt ons fruit en groente als welkomstgeschenk en nodigd ons uit op het eiland.
Veymandhoo is het hoofdeiland van het atoll en kleiner dan Buruni, onze vorige haven. De tsunami heeft in dit gedeeld goed huisgehouden. Sommige eilanden zijn totaal overspoelt geweest en daardoor tijdelijk onbewoonbaar geworden. Een voorbeeld is Vilafushi (spreek uit 'villa foetsie', heel toepasselijk), waar op dit ogenblik Boskalis een nieuwe haven aan het bouwen is. Als alles gereed is gaat ook de bevolking weer terug.
Maar we wijken af, Veymandhoo is een klein eiland met een aantal winkels, 2 restauranten en een cybercafe. Het cybercafe is een computer groot maar heeft een redelijke verbinding. Ismael geeft ons vis om mee te nemen aan boord, hij trakteerd op Maldivische short-eats (kleine zoete en hartige hapjes). Tegen gebedstijd vertrekken we weer, hij is natuurlijk de Imam van het eiland en dat betekend werk aan de winkel. We bedanken hem en zijn vrienden en familie hartelijk voor de middag.

In Veymandhoo blijven we een aantal dagen. Het gewone werk gaat ook door. Wassen en drogen tussen de buien door, nakijken en schoonmaken. De kat verzorgen, hij drinkt nog steeds te weinig en we moeten iedere dag hem met een spuitje helpen drinken anders droogt hij uit. Hij vindt dat geen straf en ziet het als een spelletje. Het is bijna het einde van de maand en het heeft bijna iedere dag geregend, John heeft toch maar een regenzeil voor over de boot gemaakt met als doel zoetwater opvang en droog buiten kunnen blijven zitten. Het werkt goed.

Op 22 november zien we voor het eerst een ander zeiljacht. Tot nu toe waren we de enige in dit gebied. Het zeiljacht Serenite dropt zijn anker in de lagune, we maken een babbeltje met Carlo de broer van de eigenaar en worden voor de avond uitgenodigd.
We krijgen onder het genot van een wijntje (dat is lang geleden) info over de Chagos. De Setenite heeft een crew van vier personen en is op weg naar Male om daar vier weken te blijven. Daarna moeten ze door de Rode Zee om in februari in Italy te zijn.

Wij nemen afscheid van Veymandhoo en maken ons gereed voor een nachtelijke oversteek. Er staat een lekkere wind uit de goede richting. Maar uiteindelijk wordt het een vervelelnde overtocht met veel swell en in de nacht is de wind bijna weg. We schommelen flink, wat niet bevordelijk is voor het humeur. We zijn dan ook blij als we het andere atoll binnenvaren, wat een rust. We zeilen nu over glad water naar onze bestemming. Juwin ligt er al een aantal uur, maar die boot is dan ook 10 voet groter en hiermee veel sneller. We gooien snel het anker uit en springen het water in.
Nieuwsgierige jongeren kommen met een dhoni naar ons toe. Ze zwemmen en snorkelen mee, en willen graag onze boot zien. Zes natte jongens verkijken zich, moet je na gaan als ze de Juwin zien. Ze hebben een hoop lol en bedanken ons de volgende morgen met Papaya's. Zo gaat het al vanaf dag 1 dat we in de Maldiven zijn binnengekomen....

op 27 noverber gaan we anker op, halverwege slaat het weer om en moeten we snel op zoek naar een ankerplaats om te schuilen. We vinden er een en blijven maar een nachtje liggen, al ligt het wat rollerig. De volgende morgen vertrekken we naar de haven van Gadhdhoo waar we de Juwin ook weer treffen. Hier wachten we verder het weer af.
We maken hier kennis met een groep Koreanen die een communicatiekabel leggen en liggen twee dagen te wachten op een beetje stabiel weer zodat we het anker van Juwin kunnen gaan opduiken. Zijn hebben het anker moeten laten gaan op hun vorige ankerplaats (met 60 meter ketting en al...). Het lag in het koraal vast en rukte door de harde winnd bijna hun ankerwinch van het dek. Hadden wij achteraf toch maar een goed plaatsje.

Met mooi windstil weer vertrekken we op zoek naar het anker. Na een uur vindt John het anker en duikt het op. Missie geslaagd, Juwin heeft het anker weer terug. Het heeft in totaal maar twee uur opgehouden, zodat we verder zeilen naar Kudhekeleihutta. Hier sluiten we deze regenachtige maand af met 12 zeemijlen afstand tot de evenaar, welke we op de weg naar Gan zullen oversteken.