NOVEMBER 2005

De JoHo is eindelijk onderweg. Het is behoorlijik koud met af en toe regen, dit hadden we niet verwacht. Ook de golven spelen niet mee, ze zijn onplezierig en zorgen voor zeeziekte bij mij. Na drie dagen komt Port Said in zicht, gelijk is alle missiere weg.

We zijn nog geen uur aan land of er moet al worden onderhandeld. Samen met Lo Gaan we naar het kantoor van Felix Martime Agency, waar we door Mr Najib (de directeur-eigenaar) te woord worden gestaan. Het wordt een lange dag die voornamelijk bestaat uit praten over koetjes en kalfjes, zo'n tien minuten worden uitgetrokken voor zaken. Wordt vervolgd.

In de avond is er tijd voor relaxing, de gevangen vis wordt op de BBQ gelegd en verdeeld, deze Amerikaanse BBQ is een groot succes. Tevens een goede gelegenheid om elkaar beter te leren kennen.

We zijn hier iedere dag voor zessen op, dat moet ook wel. Eerst de katten verzorgen dan de boot. Vervolgens plannen maken voor de dag. Vandaag staat bevoorbeeld diesel op het programma. Als buitenlander kan je niet zomaar aan de pomp tanken, dus moet er via de officiele kanalen worden gewerkt. Er komt een prijs waar veel kritiek op is binnen de groep. Er wordt driftig onderhandeld en tot drie keer toe veranderd de prijs. Hetzelfde geldt voor de onderhandeling voor de Sueztransit. Na drie dagen komt er een mooie prijs uit. Voor transit en mooringfees krijgen we 50% korting. Zelfs op de Agency-kosten krijgen we 25% korting. Het kost veel energie maar dat is dan wel de moeite waard, al wordt het niet door iedereen op waarde geschat.

Verder worden we vereerd met een bezoek van de gouveneur van Port Said. Snel tussen de bedrijven door bedenk ik een kado voor zowel Najib als de gouveneur.Vroeg in de ochtend sta ik foto's te maken van de vloot in Port Said, deze foto vervolgens bewerkt worden en ingelijst. Alles moet voor de middag klaar zijn. Alles is natuulijk low-butget en dat maak het niet altijd even makkelijk.
Ik heb wel eer van mijn werk, het kado valt in goede aarde. Ik overhandig het kado namens de Rally aan de Gouveneur en Najib en zelfs de werknemers van Najib willen een copie. De gouveneur en Najib nodigen ons uit voor een afscheidsdiner in het Sonesta hotel in Port Said.

In onze beste kleren stappen we parmantig naar de bus die ons naar het hotel zal brengen, waar we opgewacht worden de Al Simsimian folklore band. Zij begeleiden ons onder het genot van dans en gezang naar binnen. Binnen straalt alles pracht en praal uit. Het buffet is een plaatje voor het oog, laat staan de geur en smaakzin. De organisatie neemt plaats bij de gouveneur.
Na het eten gaat het feestje met de folkoreband buiten nog door. Ook wij komen er niet onderuit om me te dansen. Ik heb lol voor tien. We maken het niet te laat want morgenvroeg vertrekken we om vier uur. Ook deze mededeling wordt even tussen neus en lippen door gegeven bij het diner.

Natuurlijk zijn wij met z'n alle op tijd ons bed uit. We staan te popelen om eerder te gaan. De meeste boten zijn al uit en cirkelen een tijd in het Arsenal Basin.
Pas om kwart over vijf komt de pilot echter opdagen. Indertussen is het een chaos geworden, moet nu langzaamaan een lijn gevolgd worden en dat valt nog niet mee. Gelukkig is de JoHo de hekkensluiter, wij wachten wel tot het onze beurt is.
Het wordt nu langzaam licht het is een magnifiek gezicht al die boten in een lijn. Het Suezkanaal is in 1859 gegraven en het eerste deel gaan we vandaag afleggen. Onderweg komen we twee Nederlandse werken tegen, een brug en een aquaduct. Er is een kanaal onder het Suezkanaal gegraven met sluizen om het Nijlwater naar de Sinai te krijgen voor irrigatie van het land. Nijlwater is zoet water, en verderop staat een draaibare spoorbrug die eens per dag een militaire trein van de Sinai naar de andere kant brengt.
Onderweg worden we vorstelijk toegewuift door Egyptische soldaten, ze blijven maar welkom roepen.

Het Suezkanaal stelt eigenlijk niets voor, je moet het zien als het Noordzeekanaal. Er komt regelmatig een convoy langs, heel indrukwekkend maar met een beetje gezond verstand kan er niets gebeuren. Herlaas denkt men hiet in Egypte daar anders over. Vandaar ook de pilots die aan boord komen, ja zelfs bij zeilboten. En zoals Peter van SY Odulphus terecht roept "Een Egyptische jachtenloods is iemand die de veilige vaart zo veel mogelijk tracht te verhinderen". Niets is minder waar.

Bij het binnenvaren van Ismailya worden we opnieuw onaangenaam verrast. Ankeren blijkt verboden, alle boten moeten aan de kade komen liggen. Dat was niet de afspraak. Uiteindelijk hebben we iedereen zover en dan blijkt ook nog eens dat we niet het terrein mogen verlaten. De drogreden is onze veiligheid. John neemt onmiddellijk contact met Najib op en binnen een uur is het geregeld.
De Panta Rhei organiseerd een chanti-avond, meezingen met zeemansliederen. Het geheel wordt wat lauw ontvangen maar dat mag de pret niet drukken.

Vroeg in de morgen staan we alweer paraat, Jits komt langs om te vertellen dat ze naar Cairo gaan, wij besluiten ons aan te sluiten. Met z'n zessen proppen we ons in een taxi naar het busstation. Er staan hele rijen voor de ticketverkoop. Nou blijkt dat vrouwen hier voorrang hebben, dus wij vrouwen gaan de tickets kopen. Binnen vijf minuten zitten we in de bus. Rustig bekijken we het land. Tegen de tijd dat we Cairo naderen zitten we in de spits.
Cairo ook wel ''Al-Qahirah de overwinnaar'' genoemd heeft tegenwoordig rond de twintig miljoen inwoners en is daarmee de grootste stad van Africa.

Het is complete chaos in de stad, we nemen een Egyptische broodje hamburger als ontbijt en daarna pakken we een taxi. Een Fiat 127 stopt, en ook hier proppen we ons met zessen in. Jits en Ellen voorin, drie achterin en ik languit over hun heen. Onze chauffeur praat geen enkele buitenlandse taal en ons arabisch is niet om over naar huis te schrijven.
Uiteindelijk krijgen we deze man zover dat die de taxi stopt. We zijn helemaal verkeerd gereden en moeten vanaf de Zoo terug naar het noordelijk gedeel van Cairo, waar we dus vandaan komen.
Lopend vervolgen we onze weg, we zien veel van deze stad. Deel van de nijloever, de ambachtswijken en aan het eind van de middag belanden we in het winkelgedeelte. Boodschappenlijstjes worden uit de zak gehaald. Shoppingtime. We komen met andere dingen terug, sokken een Egyptische soepjurk (Kaftan).
Het is ondertussen donker geworden en tijd voor een hapje. Chinees, heerlijk maar weinig.

Tijd om terug te gaan, het wordt de trein. Bij het kopen van de kaartjes worden we door vele mensen geholpen en zelfs naar onze plaatsen in de trein gebracht.
Nog voordat de trein is vertrokken belt een van Felix-mensen op waar we toch zijn, hoezo we worden in de gaten gehouden. We besluiten nog maar niet te vragen of er een avondklok is ingesteld, ze kunnen niet zo geod tegen grapjes. Midden in de nacht komen we aan in Ismaliya. Doodop en rillerig kruip ik in mijn bedje. Er word me maar vier uur slaap gegund.

Vandaag staate officiele excursie die wij hebben georganiseerd op het programma. We zijn wat zenuwachtig, als alles maar goed gaat. Van de busrit kan ik me weinig herinneren. De koorts speelt al parten. De piramides van Gizeh komen in zicht, een nevelachtige bewolking heeft een mystieuze uitstraling. Deze pyramides werden tussen 2700 en 2560 v.Chr. gebouwd. De grootste is van Cheops, gevolgd door Chephren en daarna Mycerinos. Binnenin is alles leeg.
Nog snel wordt er een groepsfoto genomen van het plateau met de pyramides als achtergrond. Op naar de twintig meter hoge Sfinx. De wachter van het dodenrijk heeft een leeuwenlichaam en een hoofd van een mens. Na deze indrukwekkende eerste indrukken is het tijd voor de lunch met uitzicht op dit moois.
De rest van de dag wordt opgedeeld voor een bezoek aan een papyrusfabriek, het Egyptische museum en als afsluiting een bezoek Khan al-Khalili bazaar. Gebouwd in de 14e eeuw door prins Khalili op een voormalig Mammelukkenkerkhof. Tegenover de bazaar staat de al-Azhar moskee en tevens universiteit (Koranleer).
De schitterende moskee is in 972 ingewijd.
Wij gaan met vijf vrouwen naar binnen. De vrouwen hebben namelijk hun eigen ingaan. Binnen staat een grote zilverachtige shine, waar vooral jonge vrouwen biddend omheen staan. Bijna iedere vrouw van jong tot oud draagt hier binnen en buiten een hoofddoek.Terug in de bus is iedereen moe maar voldaan. De dag is een waar succes geworden.

Er is er een jarig vandaag. Ondanks dat ik doodziek ben ga ik opzoek naar een prachtige taart, op mijn aanraden hebben andere boten alles rond de JoHo versiert. Na de captainsmeeting wordt er koffie met gebak geserveerd en natuurlijk in vele talen lang zal hij leven gezongen. Bij deze iedereeen bedankt die mee heeft geholpen, zonder jullie zou ik dat nooit alleen voor elkaar hebben gekregen. De rest van de dag breng ik op bed door. Tegen de avond moet ik mezelf uit bed slepen voor de beloofde verjaardagsborrel. Erg gezellig, maar ik heb er weinig van meegekregen.

Ook hier zijn er weer problemen met de prijzen, men houd zich niet aan de afspraak. Wij als organisatie houden onze poot stijf en betalen niets meer dan afgesproken. Uiteindelijk geven ze toe, tijd voor het 2e deel van het kanaal. Nu hebben we ineens zes piloten in plaats van een, nou ja dat moet dan maar.
De dag verloopt verder rustig, maar bij het binnenlopen van Port Suez is weer totale chaos. Schreeuwende pilots, boten worden de verkeerde kant op gestuurd etc etc. Hier is een steekje gevallen. Aangezien we door omstandigheden niet bij de vorige captainsmeeting zijn geweest, weten we niet in hoeverre Lo over de aanloop heeft vertelt. Maar een ding is zeker, men was niet goed op de hoogte. Dit wordt een aandachtspuntje.

De volgende ochtend betalen we (met weeer dezelfde hassle) en we zijn eindelijk weer gewoon onder zeil op weg naar onze eerste ankerplaats.
De aankomende drie weken wordt het heerlijk ankeren. Rust, lekker lezen en een en ander voorbereiden vor de rally. In Ras Sudr blijven we maar een nacht, we rollen behoorlijk en dat geldt trouwens ook voor de volgende ankerplaats. Het besluit is genomen, we gaan naar de overkant.
In Marsa Thelemet ligt het rustig, iedere dag komt er wel een bootje bij. Uiteindelijk liggen we hier met twaalf boten. We organiseren een dinghy-borrel, we mogen niet aan de kant komen. Een jollenrace wordt door Captain Jack van Miss-Cat georganiseerd, we komen tijd te kort. En het wordt zo langzamerhand tijd dat we weer wat meer richting zuiden gaan, op naar de volgende baai.

Op weg naar El Tor gebruiken we de hele dag onze bolle jan, we leggen bijna vijfenzeventig mijl af in iets meer dan twaalf uur. Dat is voor ons bootje erg veel. Als we aankomen in El Tor is het al donker en de bolle jan gescheurd, we worden door rallygenoten binnengeloodst. Er ligt namelijk een onverlichte baggerschuit.
Vroeg in de ochtend breekt de hel los als blijkt dat er drie dinghy's zijn los gesneden en verdwenen. Er wordt meteen actie ondernomen, we vinden de de dinghy's uiteindelijk terug op een strandje. Gelukkig voor ons stond onze dinghy gewoon aan dek. Dezelfde dag trekken we massaal naar een andere ankerplaats.

Met nog wat andere boten vertrekt de JoHo richting Ashrafi eilanden. Hier gaan wevoor het eerst boven koraalriffen snorkelen. Prachtig gekleurde vissen zwemmen langs ons heen. Van heel klein tot een redelijk voormaat komt langs. Het koraal is wat flets van kleur maar indrukwekkend wat grootte aangaat. We hebben sinds tijden weer een vakantiegevoel. Met de vele aktiviteiten komen we tijd te kort, wel gezellig. We sluiten af met een vreugde vuur en BBQ op het strand.
Op naar Sharm el Sheikh.

We moeten de gehele weg naar Sharm motoren en als we aankomen blijken we weer in een soort gevangenis te liggen, zo voelt het hier. Veel bewaking, je mag hier niets. Altijd een hoop gezeur op niets. Als je de poort uit wil moet je eerst ingecheckt (ja, we zijn Egypte niet uitgeweest!!) en gecontroleerd worden. Zo kan ik nog wel even doorgaan. We leiden allemaal aan het Egyptische vermoeidheid syndroom.
Dezelfde dag worden we door de gouveneur bezocht. Onder begeleiding van folkore dans en gezang worden we uitgenodigd om mee te dansen.
Wij en Lo als organisatie worden officieel voorgesteld. Even wat bepraten, nog even snel een groepsfoto en weg zijn ze weer.
Nog even en we zijn gelukkig voor een tijdje weg uit Egypte.